Circus in de stad

Jawel, ze bestaan nog steeds… circussen. Of is het circa? Nee, natuurlijk niet. De als zodanig kenbare circustenten staan ergens op een centraal terrein in de stad. Niet meer met de alom bekende Dikke Deur als altijd beter wetende oppermanager, ook geen Pipo de Clown en zijn Mammaloe of Klukkluk. En geen Snuf en Snuitje. Wel de typische circuswagen. Maar zonder paard of ezeltje ervoor. Het doet nu dienst als eyecatcher en kassa. De circustent wordt deels omringt door woonwagens. Ideaal voor de mobiliteit van de reizende circusklanten. Het is alweer enige maanden geleden dat ik voor het laatst aanwezig was bij een circusvoorstelling. Nou ja, eigenlijk kan ik het mij niet herinneren wanneer ik ben geweest. Lang geleden dus. Maar nu, nu word ik verwacht na aankondiging. Uitgerust met twee camera’s vervoeg ik mij bij de directeur. Een hartelijk welkom valt mij ten deel. Het hele terrein is vrij toegankelijk voor me, maar niet de piste tijdens de show. Klinkt logisch. Toch?

Vergankelijkheid toegeslagen

Ik dacht, ik ga iets vroeger. Met reden natuurlijk. Er zullen wel volop kinderen en ouders aanwezig zijn om de dieren te bekijken en waar mogelijk te aaien. Niet dus. Niet geen dieren, wel amper dieren. Alleen de Russische circusartiest van – naar later bleek – het hondenvariété kamt een grote poedel in vorm. Klik! Verder niets! Nou ja, wel mussen en een overvliegende meeuw, maar geen circusdieren. Die zijn al grotendeels in de Europese ban en vanaf september 2015 ook in de Nederlandse ban. Het thema dierenwelzijn maakt het blijkbaar onmogelijk om getrainde wilde dieren op te laten treden in een circus. Voor alle duidelijkheid; ik ben 100% voor dierenwelzijn. Vraagt u het maar na bij onze labrador. Dus staande voor een leeg terrein is het wachten op het publiek. Her en der op het terrein zijn wat artiesten aan het oefenen. Klik! Verder niets.
Met de persmeneer maak ik een praatje. Hij verwoordt de zorgen zoals deze binnen de circuswereld worden ervaren. Veel regels, veel concurrentie, veel beperkingen en misschien binnenkort veel BTW. Hij maakt zich echt druk en verheft zijn stem. Wat hem steekt, is de ongelijkheid. In Nederland toeren veel buitenlandse – Duitse – circussen. Die hebben een eigen loonbeleid en hoeven zich niet aan de Nederlandse wetgeving te houden. Scheelt enorm volgens hem. Het gevolg is kleinere programma’s in kleinere tenten. Circus is vergankelijk. Ondertussen meldt het publiek zich bij de kassa. De pipowagen gaat open, het circus gaat open.

Binnen is het feest

Zodra je de tent inloopt, voelt het aan als een feest. Spotlights verlichten de piste. De rookmachine verhoogt de sfeer door nevel te verstrooien. Het publiek installeert zich, al dan niet slurpend aan een flesje frisdrank. De opkomst van de artiesten is ronduit spectaculair. Terwijl ze worden voorgesteld, wordt vuur vrolijk in de rondte gespuwd. Met mijn camera’s kan ik me prachtig rondom de piste bewegen, net achter het publiek. Op enkele plaatsen is het mogelijk om – zonder het publiek tot last te zijn – bijna tegen de piste te staan om te fotograferen. De circusartiesten zien mij en kijken geregeld echt in de camera. Klik! Het publiek kijkt gebiologeerd en geniet van het programma. Zij zien mij niet. Klik! Op één moment heb ik bewust niet gefotografeerd. De koorddanser – hij heet José – viel maar liefst driemaal van zijn strak gespannen touwtje, waarvan eenmaal hard op zijn billen. Het gebeurt voor mijn neus. Bewust niet gefotografeerd. Niet leuk. Geen toegevoegde waarde. De spreekstalmeester verklaart het vallen van José. Hij is net in Nederland gearriveerd en heeft de avond ervoor de kroeg ontdekt. De geste van de spreekstalmeester valt in de smaak.

Het programma verloopt verder volgens planning. Iedereen geniet. Na de pauze worden de slangen en krokodillen losgelaten. Dat mag blijkbaar (nog?) wel. De illusionist trakteert als laatste de aanwezigen op een spetterend optreden. Monden vallen open. Verbazing alom. In extase wordt de circustent gelaten voor wat die is. Tijd om de virtuele DOKA in te gaan. De volgende ochtend verwacht de redactie de fotoreportage. Weer een leuke klus geklaard. Volgend jaar weer naar circus Renaissance, maar dan met onze kleindochter.