Het moet gezegd worden, ik ben al oud. Stokoud, zeg maar. Sommigen vinden mij nog fier. Echter, zo voel ik mij niet. Ik loop moeilijk. Leun zwaar op mijn rollator. Ben kouwelijk. Kom ’s winters niet graag buiten. De bewegelijkheid in mijn armen neemt af. Reumatiek. Scheren doe ik mijzelf al jaren niet meer. De kapper weet niet meer wie ik ben. Maar dat is al zo sinds de provotijd. Ik ben moe, maar nog niet op. Mijn leeftijd wordt inmiddels geschreven met drie getallen. Dat dan weer wel. Geestelijk? Het bovenkamertje functioneert uitstekend. Onthouden doe ik alles. Lingo is geen uitdaging. Een sudoku is een tussendoortje. Dat zegt toch wel iets, nietwaar.

Mijn ouderdom heeft een voordeel. Reden tot opwinding is er nauwelijks. Alles gedaan, alles gehoord en alles beleefd. De courant wordt plichtmatig gelezen. Bijblijven heet dat. Weten wat er gebeurt in de wereld. Maar reden tot opwinding geeft dat nauwelijks. De geschiedenis herhaalt zich. Veel oude wijn in nieuwe innovatieve zakken. De geschiedenis wordt herkauwd. Men maakt zich wijs dat het nieuw is. Het leven schrijdt voort.

Dat Zwarte Piet weg moet, is mij al vele jaren bekend. Niets nieuws. Negerzoen weg, Zwarte Piet weg. Het was een kwestie van tijd. Reden tot opwinding is er nauwelijks. Iets nieuws? Ach, misschien de hetze die media heet. Opvallend, leeg, geschreeuw, nietszeggend, maar meer ook niet.

“Kijk hem eens huppelen over de daken, uitslover!”

Wat echt ergerlijk is, is die Sinterklaas. Voor zijn leeftijd is hij te kwiek. Terwijl het voortduwen van mijn rollator een hel is, zit hij kaarsrecht op een paard. Hij wuift links, rechts, knikt vrindelijk naar alles en iedereen en spreekt duidelijk verstaanbaar. Zelf kan ik mij moeilijk verstaanbaar maken door mijn slechtpassend kunstgebit. Gekocht op het Waterlooplein voor 2 gulden. Als ik een kind vriendelijk bejegen, ben ik een vieze oude man. Mijn haar is ook lang, maar niet zo mooi gestileerd. En mijn baard? Ook zo mooi gemodelleerd en op kleur? Welnee, vol met muizenissen. Deze Sinterklaas is absoluut geen representant van een man op hoge leeftijd. Kijk hem eens huppelen over de daken, uitslover! Ik kan nog niet eens op de barricade klimmen om tegen hem te protesteren. Reumatiek, zeg ik u.

Het is oneerlijk en tevens discriminerend. Ik voel mij gekwetst en dat zal men weten ook. Laten ze iemand anders nemen. Waarom steeds deze hoogblonde vitale vent? Kunnen ze hem geen andere huidskleur geven? Of kroeshaar? Of een paardenstaart van vaalgrijs haar? Of neem een adonis? Hé, waarom niet? Waar een wil is, is een weg. Toch? Ik wil gehoord worden. Ik moet mijn zin krijgen. Ik ben een minderheid, dus moet er naar mij worden geluisterd. Dat is hedendaagse democratie. Hij eruit of ik eruit. That is the question. Een tussenweg bestaat niet, want die zijn we al jaren geleden gepasseerd. Als u met tegenargumenten komt, bent u het klaarblijkelijk niet met mij eens. Polariseren heet dat. Fraaie boel.

Mijn agenda heb ik voor de komende weken vrijgehouden. Ik verwacht aan te mogen schuiven bij Jinek, Pauw, De Doordraaiende Wereld, Buitenhof (hoewel mij dat ver weg lijkt) en natuurlijk het Sinterklaas journaal. Dat laatste ga ik boycotten, want daar zijn de vertegenwoordigers van deze discriminerende pre-hetze. In kranten komen interviews met mij en positieve opiniestukken over mij. De Volkskrant, Trouw, Wakker Nederland en de NRC. Ik protesteer, en dat dat duidelijk moge zijn, punt!
En, mijnheer de Fotocolumnist, u mag geen foto van mij plaatsen. Ook daar protesteer ik tegen. Toon maar een foto van Zwarte Piet. Zwarte Piet wordt steeds genoemd als kindervriend. Logisch, zij rijden niet op een knol, maar geven de kinderen volop snoepgoed. Slijmerds. Uitslovers, allemaal, zeg ik u!